Hoge armoedecijfers, armzalig debat

Opiniestuk
Opiniestuk

150.000 kinderen groeien op in armoede. De recent uitgebrachte armoedecijfers zijn hard. Dat de verantwoordelijke minister Homans de hete aardappel doorschuift naar vluchtelingen is minstens misplaatst. De voornaamste bezorgdheid van Samenlevingsopbouw is dat het debat om de hete brij danst: structurele inspanningen om armoede terug te dringen blijven uit. Het beleid van de federale en Vlaamse regering schiet te kort.
Op lokaal niveau worden er dagelijks inspanningen geleverd om armoede terug te dringen. Zoals Kind en Gezin ook aangeeft dienen de armoedecijfers niet om deze inspanningen in vraag te stellen of toe te juichen. Feit is wel dat duurzame armoedebestrijding uitblijft want het aantal mensen dat in armoede leeft, daalt jaar na jaar niet. Vanuit Samenlevingsopbouw zien we goede initiatieven op het terrein die wel degelijk impact hebben. Inzetten van outreachende medewerkers vanuit het OCMW is enorm positief. Netwerktafels bevorderen de samenwerking op het werkveld om de hulp- en dienstverlening lokaal te versterken en geven samen met mensen in armoede adviezen om armoede effectief te bestrijden. Basisvoorzieningen bieden een ankerpunt om verhaal te halen, wegwijs te raken en samen oplossingen te zoeken. Niet alles is rozengeur en maneschijn, er zijn zeker nog werk- en verbeterpunten, maar heel wat lokale besturen doen hun best.
Een lokaal bestuur heeft heel wat hefbomen in handen, maar zijn ook beperkt. De huidige federale en Vlaamse regering schieten schromelijk tekort en tonen geen daadkracht om armoede effectief en structureel te bestrijden. Nochtans werd armoedebestrijding bij het begin van de legislatuur als topprioriteit omschreven. De uitkeringen gingen opgetrokken worden tot aan de Europese armoedegrens, maar die belofte bleef dode letter. De kinderarmoede ging gehalveerd worden. ‘Reken me daar maar op af’, klopte Homans zich destijds op de borst. Gisterenmiddag deden de Vlaamse ministers nog een rondje: wat zij elk vanuit hun bevoegdheid deden om armoede te bestrijden. Projecten zat, zo bleek. Maar structureel is het armoe troef.
De lopende projecten blijken alsnog pleisters op een houten been. Er zijn ingrepen nodig over de verschillende beleidsdomeinen die structureel de armoede kunnen terugdringen. Investeren in betaalbare en kwaliteitsvolle woningen voor kwetsbare groepen is een must. De toegang tot waardig werk en de inkomensongelijkheid moet dringend aangepakt worden. En uiteraard is daarmee ook een betaalbare gezondheidszorg en toegankelijk en betaalbaar onderwijs onlosmakelijk verbonden.
Het debat zoekt schuldigen, zoekt uitvluchten. Dat verdient geen kind. Iedereen is verantwoordelijk voor een geslaagd armoedebeleid, zowel het lokale bestuur als de Vlaamse en federale overheid. Armoede kan alleen worden teruggedrongen als de verschillende niveaus het beleid op elkaar afstemmen en versterken. De uitdaging is intussen groot geworden. Hoog tijd dus om samen, onderzoekers, middenveld, beleidsmakers, hulpverleners en mensen in armoede, het debat rijker te laten zijn dan het doorschuiven van zwartepieten en werk te maken van echte oplossingen. Samenlevingsopbouw reikt alvast de hand om het inhoudelijke debat te voeren en te werken aan structurele armoedebestrijding.